De bokkenpruik en de zeven lachjes 1 van 7

Een verhaal in 7 delen – deel 1 van 7

Zonnestraal

Zonnestraal 1-7

Lang, lang geleden leefde in een ver, ver land een meisje. Zij was prachtig om te zien, met goudblonde lokken en ze was bijna achttien. Ze keek regelmatig in de spiegel om zichzelf te bewonderen. Je zou zeggen dat haar schoonheid en leeftijd maakten dat de jongemannen om haar hand dongen, maar niets was minder waar. Er was in geen velden of wegen een goede man te bekennen. Haar vader had het afgelopen jaar diverse capabele jongemannen aan haar voorgesteld, maar een voor een waren ze afgedropen. Zij vertelden dat ze zich plotseling herinnerden dat er thuis een vrouw op hen wachtte of dat het land bewerkt moest worden en er was er zelfs een die beweerde dat hij plotseling naar de tandarts moest. De jongemannen droogden op en zo kwam het dat Zonnestraal, zo heette ze, eenzaam en alleen rondliep in het dorp. Wat was er toch aan de hand?

Zonnestraal deed haar naam geen eer aan. Al sinds dat ze kon praten wilde ze haar zin hebben, en dat deed ze door haar bokkenpruik op te zetten. Pruilend en dreinend, stampend en gillend kreeg ze iedere keer weer wat ze wilde. Haar vader voelde zich schuldig sinds dat haar moeder gestorven was toen ze nog een baby was en gaf haar alles wat ze wilde om maar te zorgen dat ze weer zou gaan lachen. Maar die lach was de laatste jaren niet meer tevoorschijn gekomen, wat hij ook probeerde. Niet alleen haar vader moest het ontgelden, zelfs de vriendelijkste mensen in het dorp konden geen vaag glimlachje meer van haar krijgen. De bakker kreeg meestal een veeg uit de pan en de slager kon wat haar betreft zelf varkenspootjes krijgen.

Daar liep ze in het dorp, toen plotseling Plaaggeest tevoorschijn sprong. “He, hoe gaat het Bokkenpruik,” riep hij haar toe. “Ik heet geen Bokkenpruik, ik heet Zonnestraal, dat weet je best,” snauwde ze hem met een verbeten gezicht toe. “Ja, maar ik vind Bokkenpruik beter bij je passen, zeker als je zo doet,” plaagde hij haar. “Je kijkt altijd zo!” Plaaggeest heette trouwens eigenlijk Peter Zomer, maar Zonnestraal noemde hem altijd Plaaggeest omdat hij haar altijd pestte. “Bokkenpruik, Bokkenpruik,” jouwde hij haar na. Haar mond kneep nog verder samen en snel liep ze door. Met ferme pas liep ze al snel het dorp uit.

Naar deel 2 van 7 >>

Doe mee met de conversatie

2 reacties

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *